Wedstrijdreglement (ook te downloaden: klik hier)         [ Statuten  -  Huishoudelijk Reglement]

vastgesteld op de Algemene Vergadering van 29 september 2009,
gewijzigd 4 oktober 2011

Aanvangstijd Afsluiting_avond_ Herfstkampioenschap Score bij afwezig Stilzittafel
Aanwezigheidsregel Arbitrages Indeling Paren/Lijn Score bij invallen Terminologie
Aantal_lijnen Clubkampioenschap_ Indeling nieuwe paren Speeltijd Trio's
Aantal Paren/Lijn Comp.uitslag Promotie/Degradatie Speluitslag Wedstrijduitslag
Afmelden Duur competitie Scoreberekening Systeemkaart Wedstrijdkalender

1 Algemene bepalingen

1.1 Geldigheid

Dit wedstrijdreglement geldt voor de interne competities van bridgeclub De Gaech. Voor situaties waarin dit wedstrijdreglement niet voorziet, geldt het Competitie- en Wedstrijdreglement van de Nederlandse Bridge Bond.

1.2 Verantwoordelijkheid

1.2.1 De wedstrijdcommissaris heeft als bestuurlijke taak de verantwoordelijkheid voor de interne competities. De wedstrijdcommissaris wordt bijgestaan door een door het bestuur in te stellen commissie van bijstand.

1.2.2 De commissie van bijstand is verantwoordelijkheid voor het speelklaar maken van de accommodatie, voor de organisatie en orde tijdens de speelavond, en voor het uitrekenen van het resultaat na afloop van een wedstrijd. De commissie van bijstand wijst uit haar midden één als zodanig functionerende WL als eerst verantwoordelijke voor die zitting aan.

1.3 Speellocatie en Aanvangstijd

1.3.1 De speellocatie van bridgeclub De Gaech is Sranti, Tanthofdreef 29, Delft.

1.3.2 De competitieavonden vangen aan op dinsdagen om 19.30 uur.

1.3.3 Aanmelding dient plaats te vinden voor 19.25 uur. Aanmelding na dit tijdstip geeft geen recht meer op deelname op die avond en zal, indien het paar niet meer kan meedoen, worden beschouwd als afwezig zonder kennisgeving.

1.4 Systeemkaarten

1.4.1 In de rode en groene lijn is een volledig ingevulde systeemkaart verplicht. Indien deze niet kan worden overlegd dient men verplicht volgens Biedermeijer Groen zonder verdere conventies te spelen.

1.4.2 In de gele en lagere lijnen is een systeemkaart alleen verplicht indien het systeem afwijkt van standaard Acol (Start tot Finish 1 en 2 aangevuld met Jacoby transfers, Berry Westra Klaverheer en Ruitenheer.

1.4.3 De stop- en alerteerregels zijn in de hoogste twee lijnen (rood/ groen) verplicht.

1.5 Speeltijd

1.5.1 Reguliere speeltijd

De speeltijd bedraagt 38 minuten per 5 spellen, 30 minuten per 4 spellen en 24 minuten per 3 spellen. De wisseltijd bedraagt 3 minuten.

1.5.2 Overschrijding speeltijd

Aan het eind van de reguliere speeltijd dienen alle spellen gespeeld te zijn. Doorspelen tijdens de wisseltijd wordt echter wel getolereerd. Het is echter strafbaar om nog te beginnen met bieden op een nieuw spel als er nog minder dan drie (3) minuten reglementaire speeltijd resteren. Voor dit spel ontvangt men de arbitrale score van G-.

Indien twee tegen elkaar spelende paren constateren dat ze de reguliere speeltijd dreigen te overschrijden mag men, indien beide paren daartoe bereid zijn, het spel na afloop van de speelavond na spelen. In plaats daarvan mag men echter ook "niet gespeeld" schrijven.

1.6 Afsluiting avond

Na afloop van de speelavond coördineert de noordspeler het opruimen van de betreffende tafel. Oost brengt de glazen naar de bar, west brengt alle bridgematerialen naar het inzamelpunt, en noord-zuid zetten tafel en stoelen op zijn plaats.

2 Indeling Competitie

2.1 Wedstrijdkalender

Voor de aanvang van een nieuw bridge seizoen wordt door het Bestuur van De Gaech een jaarprogramma bekend gemaakt. Het jaarprogramma omvat in ieder geval parencompetities en Butler- of viertallen-competities.

2.2 Competitieduur

Een competitie bestaat uit 5 zittingen van één avond. Iedere competitie omvat minimaal 100 spellen.

2.3 Aantal lijnen en paren per lijn

2.3.1 Iedere competitie wordt in verschillende lijnen gespeeld. Het aantal lijnen is afhankelijk van het aantal deelnemende paren. De hoogste tot de laagste lijn wordt aangegeven met de kleuren rood (of A), groen (of B) en geel (of C). Ten behoeve van beginners kan een separate witte lijn worden ingesteld.

2.3.2 De standaardbezetting van de lijnen is: rood 16 paren, groen 16 paren, en geel overige paren. Variatie op de standaard bezetting is mogelijk ten gevolge van art. 2.5 en 5.2.

2.3.3 De technische commissie kan bij een sterke verandering van de omvang van het deelnemersveld, overgaan tot een alternatieve indeling van nieuwe lijnen.

2.4 Indeling van paren in lijnen

Bij aanvang van het bridgeseizoen wordt de indeling van paren in lijnen vastgesteld aan de hand van de competitieuitslag van de laatste competitie van het afgelopen seizoen, met in achtneming van art. 2.5 en 5.2.

2.5 Indeling van nieuwe paren

2.5.1 Paren, bestaande uit clubleden, die splitsen en nieuwe combinaties vormen met partners spelend in dezelfde lijn, behouden hun recht op plaatsing in deze lijn, als zij daar door handhaving of promotie toe gerechtigd zijn.

2.5.2 Paren, bestaande uit clubleden, die splitsen en nieuwe combinaties vormen met partners die niet voldoen aan art. 2.5.1 (degradanten of spelend in een lagere lijn), kunnen geen rechten doen gelden op plaatsing in de lijn van de hoogst spelende partner, maar zie art.2.5.3

2.5.3 Van de nieuwe combinaties gevormd als genoemd in art.2.5.2, wordt die combinatie gehandhaafd in de lijn van de hoogst spelende partner, die de hoogste som aan plaatsingspunten bezit.

2.5.4 Nieuwe paren zijn paren waarvan tenminste 1 speler nog geen clublid is. Deze paren worden in principe in de laagste lijn ingedeeld, maar de wedstrijdcommissaris kan in overleg met de technische commissie op grond van de bekende speelsterkte, hoger indelen.

2.5.5 Indeling volgens 2.3.2 en 2.5.2 kan extra promotie/degradatie noodzakelijk maken. Dit moet voor het begin van een competitie bekend zijn.

3 Scoreberekening

3.1 Speluitslag

Paren: De uitslag van een spel uit een parencompetitie wordt weergegeven in Matchpunten (MP).

Butler: De uitslag van een spel uit een Butlercompetitie wordt weergegeven in internationale matchpunten (IMP).

Het niet spelen van één of meerdere spellen vanwege tijdgebrek wordt als "niet gespeeld" berekend. Indien een paar buiten zijn/haar schuld een spel niet kan spelen vanwege een onregelmatigheid wordt voor dit spel door de arbiter een score van G+ toegekend. Een paar dat door schuld een spel niet kan spelen krijgt een G- score toegekend door de arbiter. Een G- score wordt tevens aan beide partijen toegekend voor niet toegestane tijdsoverschrijding (Art. 1.5.2).

3.2 Wedstrijduitslag

3.2.1 Uitslagberekening

Paren: De uitslag van een wedstrijd in een parencompetitie wordt uitgerekend in MP en weergegeven in een percentage over de gespeelde spellen. Een stilzittafel telt daardoor niet mee in de scoreberekening.

Butler: De uitslag van een wedstrijd in een Butlercompetitie wordt weergegeven in G-IMP.

3.3 Competitieuitslag

Paren: de (tussen)uitslag van een parencompetitie wordt weergegeven door middel van een gemiddeld percentage over de gespeelde wedstrijden. Hierbij wordt een gewogen gemiddelde toegepast om te corrigeren voor het werkelijk aantal gespeelde spellen per wedstrijd.

Butler: de (tussen)uitslag van een ButIercompetitie wordt weergegeven in G-IMP.

De bepalingen in art. 5.2 en 5.4 aangaande afwezigheid en het spelen met een invaller of als invaller zijn tevens van toepassing.

3.4 Clubkampioenschap

Aan het eind van ieder bridgeseizoen wordt een clubkampioen bekendgemaakt. Clubkampioen is het paar dat de meeste punten verzameld heeft in het lopende bridgeseizoen. Voor iedere interne competitie wordt de einduitslag daartoe uitgedrukt in plaatspunten voor het clubkampioenschap. De onderstaande verdeling van plaatspunten wordt daarbij gehanteerd (afhankelijk van het aantal paren X in de rode lijn of Y in de groene lijn, bij oneven afronden naar boven):

        Rood     Groen     Geel     Wit

Nr.1     X         0.5Y         3             2

Nr.2     X-2     0.5Y-1     2             1

Nr.3     X-4     0.5Y-2     1

Nr.4     X-6     0.5Y-3

Nr.5     X-7     0.5Y-4

Nr.6     X-8     0.5Y-5
en verder aflopend naar nul

Een paar komt echter alleen voor punten in aanmerking indien het minstens driemaal heeft samengespeeld in de competitie. Indien het paar niet aan deze eis voldoet kunnen de individuele spelers wel punten krijgen voor de ranking die gebruikt wordt voor het samenstellen van de externe viertallen indien minstens driemaal is gespeeld in de competitie en het paar niet BM was. Alleen indien geen van beide spelers hiervoor in aanmerking komt schuiven de clubkampioenschapspunten door naar het direct onder hen geëindigde paar (en zo verder naar beneden).

3.5 Herfstkampioenschap

Gedurende de externe viertallencompetitie wordt op clubavonden een parencompetitie gespeeld van zeven avonden in verschillende lijnen. De eerste per lijn uit deze competitie mag zich de Herfstkampioen noemen. De herfstcompetitie telt niet mee voor clubkampioenschap, promotie of degradatie.

3.5.1 Herfstkampioen(en)

Om in aanmerking te komen voor het herfstkampioenschap dient men tenminste vier maal in de oorspronkelijke samenstelling gespeeld te hebben.

3.5.2 Indien men drie avonden afwezig is wordt het eindgemiddelde gecorrigeerd met -2%, tenzij men op minstens één van deze avonden afwezig is tengevolge van een invalbeurt in de externe viertallencompetitie.

3.6 Elk seizoen zal er een klassement worden opgemaakt van alle in dat seizoen gespeelde bijzondere drives. Voor aanvang van het seizoen zal de technische commissie aangeven welke regels daarbij gehanteerd zullen worden.

4 Regeling voor promotie en degradatie

Na afloop van iedere competitie vindt promotie en degradatie plaats. De promotie- en degradatieplaatsen worden bepaald aan de hand van de uiteindelijke competitie-uitslag. Met uitzondering van de rode lijn, promoveren de eerste drie paren. Indien de gemiddelde opkomst in een lijn per ronde lager is dan 10 paren blijft het aantal paren dat promoveert beperkt tot 2.

Het aantal paren dat degradeert is afhankelijk van het feitelijk aantal spelende paren in de lijn. Hierbij wordt onderstaand schema gehanteerd:

Aantal spelende paren

Aantal degradatie- plaatsen

8

2

9

2

10

2

11

2

12

2

13

3

14

3

15

3

16

3

17

4

18

5

19

5

20

6

21

6

22

6

Indien paren gelijk eindigen en de rangorde is van invloed op promotie of degradatie, vindt loting plaats. Paren die onvoldoende competitiewedstrijden hebben gespeeld (Art. 5.1), zijn uitgesloten van promotie. Degradatie als gevolg van een onvoldoende gemiddelde score blijft mogelijk (uitzondering: zie Art. 5.3).

5 Regeling met betrekking tot Aanwezigheid, Afmelden voor een gehele competitie, Afwezigheid en Invallen

5.1 Aanwezigheid

Een paar dient tenminste drie wedstrijden in een competitie van vijf wedstrijden in de oorspronkelijke samenstelling te hebben gespeeld om voor promotie of kampioenschap in aanmerking te kunnen komen.

5.2 Vorming speciale teams

5.2.1 Voorafgaande aan een competitie kunnen teams van méér dan 2 personen worden gevormd. Het door het team behaalde resultaat op een avond geldt voor alle spelers van het team. De gevolgen van het eindresultaat van de competitie, zoals kampioenschap, promotie, handhaving of degradatie geldt eveneens voor alle spelers van het team.

5.2.2 Indien slechts één speler beschikbaar is, mag deze aanwezige speler met een invaller een combipaar vormen (met dezelfde regeling als bij reguliere paren).

5.2.3 Indien er op een competitieavond meer spelers aanwezig zijn dan nodig voor het team dat op die avond speelt, mogen zij, mits de WL hierin toestemt, als invaller spelen in een regulier spelend paar. De behaalde scores van deze spelers tellen echter niet mee voor het bepalen van het resultaat van hun eigen team.

5.3 Afmelden voor een gehele competitie

5.3.1 Eenmaal per seizoen kan een paar, ongeacht de redenen, afzien van deelname aan een gehele competitie met behoud van de plaats in de lijn. Dit moet dan wel voor de start van de competitie waarin men afwezig is, bij de wedstrijdcommissaris gemeld worden.

5.3.2 Eénmaal per seizoen kan een paar, na opgaaf van een dwingende reden, afzien van deelname aan een reeks van aaneenvolgende competities met behoud van de plaats in de lijn. Dit moet dan wel voor de start van de competitie waarin men voor het eerst afwezig is, bij de wedstrijdcommissaris gemeld worden.

5.3.3 De onder 5.3.1 en 5.3.2 vallende paren zijn uitgesloten van enigerlei deelname aan de door hen opgegeven competitie(s). Wel kunnen partners afzonderlijk meespelen als invaller met een regulier meespelend lid.

5.4 Score bij Afwezigheid van een paar

Een paar wordt als afwezig beschouwd indien geen van beide spelers aanwezig zijn. Invallen in een andere lijn wordt niet beschouwd als afwezigheid (zie Art. 5.5). De scoreberekening bij afwezigheid is afhankelijk van het aantal malen afwezig zijn gedurende een competitie.

5.4.1 Eénmaal afwezig:

Voor de desbetreffende zitting geldt een score die gelijk is aan het eigen gemiddelde respectievelijk het vervangend eigen gemiddelde.

5.4.2 Tweemaal afwezig:

Voor de desbetreffende zitting geldt een score die gelijk is aan het eigen gemiddelde respectievelijk het vervangend eigen gemiddelde. Daarnaast wordt het eindgemiddelde gecorrigeerd met –2% (-0,3 G-IMP).

5.4.3 Driemaal of meer afwezig:

Voor de zittingen waarbij men niet aanwezig is geldt een score die gelijk is aan het vervangend eigen gemiddelde. Daarnaast wordt het eindgemiddelde gecorrigeerd met -1% (-0,15 G-IMP) per avond dat men afwezig is.

5.4.4 Afwezigheid zonder afmelding:

Bij afwezigheid zonder afmelding (of geldige reden voor gemis van afmelding) wordt per keer een extra correctie aangebracht van –1% of –0,15 G-IMP op het eindgemiddelde.

5.5. Scoreberekening bij het spelen met een invaller of spelend als invaller in een andere lijn.

Spelend met, of als, invaller kan de bereikte score op de betreffende speelavond niet lager zijn dan het eigen gemiddelde van de competitie. Een bovengrens bestaat alleen in de volgende gevallen:

5.5.1 Spelend in de eigen lijn

Spelend met een invaller uit een hogere lijn, kan de behaalde score op de betreffende speelavond niet hoger zijn dan +5% (+0,75 G-IMP) boven het eigen gemiddelde dan wel het vervangend eigen gemiddelde.

5.5.2 Invallend in

· De eigen lijn, spelend met een speler uit een hogere lijn, kan de bereikte score op de betreffende speelavond niet hoger zijn dan +5% (+0,75 G-IMP) boven het eigen gemiddelde dan wel het vervangend eigen gemiddelde.

· Een lagere lijn, kan de bereikte score op de betreffende speelavond niet hoger zijn dan +5% (+0,75 G-IMP) boven het eigen gemiddelde dan wel het vervangend eigen gemiddelde.

5.5.3 Indien twee spelers uit verschillende lijnen gaan samenspelen is de dienstdoende WL verantwoordelijk voor de keuze in welke lijn dit paar gaat spelen. Hierbij dient in de regel te worden gekozen voor de lijn van het hoogst spelende oorspronkelijke paar. Alleen indien er een tussenliggende lijn bestaat, dient voor die tussenliggende lijn te worden gekozen. Wanneer hierdoor twee lijnen met een oneven aantal paren ontstaan kan de WL Art. 5.5.4 toepassen.

5.5.4 Stilzittafels opheffen

Indien twee niet aansluitende lijnen een oneven aantal paren bevatten mogen de betreffende paren een ronde tegen elkaar spelen. De hierin behaalde score telt echter niet mee. Indien het twee aansluitende lijnen betreft wijst de wedstrijdleider het paar uit de top drie van de laagste van die twee lijnen dat het meeste aantal keren in de oorspronkelijke samenstelling heeft gespeeld aan om twee complete lijnen te creëren. Dit paar verkrijgt de behaalde score met een bonus van 3% (0,45 G-IMP), doch tenminste het eigen gemiddelde of vervangend eigen gemiddelde.

5.5.5 Invallers van buiten

Invallers van buiten de club zijn alleen toegestaan indien er geen eigen leden beschikbaar zijn en met toestemming van de wedstrijdcommissaris of de door hem aangewezen plaatsvervanger.

De score verkregen door het spelen met een externe speler wordt op dezelfde wijze berekend als bij het spelen met een invaller uit de eigen club met als beperking dat de score zal worden gecorrigeerd tot ten hoogste het eigen gemiddelde + 5% (+0,75 G-IMP).

6 Onregelmatigheden

6.1 Arbitrages

Bij constatering van enige onregelmatigheid dient direct de arbiter te worden gewaarschuwd. Bij doorbieden of doorspelen vervalt het recht op verhaal. Instructies van de arbiter dienen altijd opgevolgd te worden. Tegen de uitspraak van de arbiter kan men altijd na afloop van de wedstrijd tot aan 30 minuten na de officiële publicatie van de uitslag van de zitting protesteren.

Tegen eventueel daarna genomen beslissingen van de arbiter is beroep mogelijk bij de club-protestcommissie.

6.2 Lastige arbitrages

Lastige arbitrages die veelal ‘ethische’ zaken betreffen kunnen in overleg met andere arbiters worden opgelost. Indien zinvol worden de zaken genoteerd in een speciaal arbitrageschrift hetgeen de arbiters instaat stelt bij meervoudige herhaling van dezelfde overtredingen door een bepaald paar een disciplinaire straf op te leggen.

7 Slotbepaling

Het Bestuur van De Gaech beslist in alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet.

Verklaring van gebruikte afkortingen en terminologie

G+

Arbitrale score. U ontvangt op dit spel tenminste 60%. Als uw gemiddelde die zitting hoger is ontvangt u uw gemiddelde.
In Butlerwedstrijden komt G+ overeen met + 2 IMP en vindt geen correctie plaats als u meer dan 2 G-IMP scoort op die avond.

G-

Arbitrale score. U ontvangt op dit spel ten hoogste 40%. Als uw gemiddelde die zitting lager is ontvangt u uw gemiddelde.
In Butlerwedstrijden komt G- overeen met –2 IMP en vindt geen correctie plaats als u minder dan 2 G-IMP scoort op die avond.

WL

De door de wedstrijdcommissaris aangewezen dienstdoende wedstrijdleider. Dit kan ook een Technisch Clubleider A of B zijn.

G-IMP

Het totaal van de door u behaalde IMP's gedeeld door het totaal aantal van de door u gespeelde spellen.
(N.B. Het computerprogramma Bridge-It berekent de totaalscore in G-IMP per 24 spellen i.p.v. per spel)

Eigen gemiddelde

Het gemiddelde van de met de eigen partner behaalde scores. Het aantal scores nodig voor deze bepaling bedraagt tenminste drie op een competitie van vijf avonden, respectievelijk vier op een competitie van zeven avonden.

Vervangend eigen gemiddelde

Bij onvoldoende deelname in de oorspronkelijke samenstelling van een paar (zie eigen gemiddelde), wordt er een vervangend eigen gemiddelde berekend op basis van alle overige verkregen scores behaald met zowel de eigen partner als met invallers. Een en ander met inachtneming van artikel 5.5

Plaatsingspunten

Plaatsingspunten zijn de door een speler in de interne competities behaalde rankingspunten, zoals die vastliggen aan het eind van het vorig speeljaar.

Eindgemiddelde

De gemiddelde score na respectievelijk vijf of zeven speelavonden.